Grenzen verleggen

U bevindt zich hier: Home | Grenzen verleggen

Grenzen verleggen

8 juni 2012

Utrecht, 3 april 2012

In de beleidsbrief Mantelzorg van 29 maart onderschrijft staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner het belang van mantelzorg in de Nederlandse gezondheidszorg en bepleit ze ondersteuning voor mantelzorgers. Verlenen van mantelzorg ín de zorgorganisaties is in de praktijk nog een heikel punt. De reden hiervoor wordt vaak gezocht in beperkende wettelijke regels.

Uit de notitie Grenzen verleggen. Belemmeringen en mogelijkheden voor samenspel tussen informele en formele zorg (pdf-bestand, C. Scholten en K. van Dijk, Vilans 2012) blijkt dat er geen sprake is van wettelijke belemmeringen. “Wel liggen er - met name in de zorgorganisaties zelf - kansen om de zorg te verbeteren met de inzet van informele zorgverleners. Belangrijkste kans: schep duidelijkheid over ieders rol”, aldus Cecil Scholten, expert informele zorg bij Vilans.

Vilans pleit ervoor mantelzorgers en vrijwilligers een duidelijke rol te geven en hen meer te betrekken bij de zorg ín de zorgorganisatie. Vanuit hun betrokkenheid voor hun naaste willen nogal wat mantelzorgers alles weten over de zorg en mogelijk een aandeel in de verzorging houden nadat hun familielid is verhuisd. Alleen een kleiner aandeel dan ze noodgedwongen verrichtten in de thuissituatie. Vrijwilligers signaleren allerlei zaken door hun contacten met cliënten, die ze graag door willen geven.

Duidelijke rollen

In de praktijk zien beroepskrachten en mantelzorgers en vrijwilligers elkaar nog te weinig als natuurlijke partner in de zorgverlening. Als gevolg daarvan wordt de onderlinge rolverdeling vaak niet goed besproken, wat tot onduidelijke verwachtingen leidt. Beroepskrachten weten niet goed welke handelingen een mantelzorger of vrijwilliger verleent en of hij daarin deskundig is. Informele zorgverleners daarentegen vrezen dat zij slechts gebruikt worden om de ‘gaten in de zorg’ op te vullen. De rollen worden duidelijk als zowel de juridische positie van de mantelzorger en de vrijwilliger als zijn aandeel in de verzorging en ondersteuning van de cliënt helder zijn.

Juridische aspecten

De juridische positie van mantelzorgers en vrijwilligers bepaalt wat zij mógen doen. Vilans onderzocht in opdracht van de staatssecretaris in hoeverre de regelgeving het werk van mantelzorgers en vrijwilligers bemoeilijkt en ontdekte dat deze geen belemmering vormen.

Een mantelzorger mag juridisch gezien in de zorgorganisatie dezelfde verzorgende en verpleegkundige handelingen verlenen als in de thuissituatie. Net als in de thuissituatie is de mantelzorger zelf verantwoordelijk en aansprakelijk voor zijn handelen. Deze juridische positie is bij velen nog onbekend. Dit heeft mede als gevolg dat zorgorganisaties – hoewel zij formeel niet aansprakelijk zijn voor fouten van een mantelzorger in hun zorgorganisatie - toch een zekere angst voelen voor reputatieschade. Zorgorganisaties hebben wel een toezichthoudende rol en maken met mantelzorgers afspraken over hun inzet.

Zorgorganisaties zijn wel aansprakelijk voor de werkzaamheden van vrijwilligers. Dat betekent echter niet dat vrijwilligers bij voorbaat begrensd zijn in wat zij wel en niet mogen doen. Ze moeten bekwaam zijn om bepaalde handelingen uit te voeren. Het is aan de organisatie om na te gaan of de vrijwilligers bekwaam zijn en hen toe te rusten om hun werk goed te kunnen doen.

Rol in zorgproces

Door de persoonlijke relatie met de cliënt is de mantelzorger een ervaren en deskundige zorgverlener. Bovendien heeft de inzet van mantelzorg een positieve invloed op het geestelijk welbevinden van de cliënt. De mantelzorger is vertrouwd en kent de cliënt en zijn signalen goed. Vanuit deze positie hebben mantelzorgers een duidelijk aanvullende rol in het zorgteam. “Leg afspraken vast in het zorgleefplan”, bepleit Scholten. “Maar laat het daar niet bij. Zorg voor goede communicatie tijdens het zorgproces tussen medewerkers en mantelzorgers. En ook met andere familieleden en bekenden uit het sociale netwerk van een cliënt en met vrijwilligers. Het aandeel van de informele zorg neemt hoe dan ook toe. Dat vraagt een andere houding en een andere rol van beroepskrachten met meer aandacht voor de relatie tussen de cliënt, zijn sociale netwerk en de zorgverlener. Alleen met een goed samenspel tussen formele en informele zorgverleners kunnen we de stijgende zorgvraag het hoofd bieden.”

Lees ook het weblog van Cecil Scholten over dit onderwerp.

Facebook Twitter LinkedIn

Inschrijven nieuwsbrief

  • Mevrouw Heer

zorgbetermetvrijwilligers.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.